Veel gestelde vragen
Heeft CAW De Terp een kwaliteitshandboek en is dat toegankelijk?
Ja, CAW De Terp heeft - zoals elk CAW - een kwaliteitshandboek. We hebben gekozen voor een digitale versie die onze medewerkers steeds via deze site kunnen raadplegen. Het is echter alleen voor onze medewerkers toegankelijk. Reden is dat ons kwaliteitshandboek in sommige delen sterk toegepast is op onze eigen organisatie (voorbeelden van good practices, casussen, moresprudentie) en omdat we het soms ook gebruiken als uitwisselingsmedium. Zo blijft ons kwaliteitshandboek een dynamische motor voor onze kwaliteitszorg, maar is het niet altijd even geschikt voor het brede publiek.
Hier vind je de inhoudsopgave van ons kwaliteitshandboek. Je kan dan alvast zien wat er in staat. Wanneer je meer informatie wilt, of wanneer je bepaalde delen van het kwaliteitshandboek wilt inkijken, neem dan gerust contact op met onze kwaliteitscoördinator (03-270.31.90)
Kan ik een interview afnemen van een medewerker van CAW De Terp?
In principe is dat altijd mogelijk. Wanneer je een interview wil afnemen over een bepaald beleidsthema, kun je in onze wie is wie vinden wie je moet contacteren en hoe. Wil je een interview met een van onze hulpverleners dan dien je rechtstreeks contact op te nemen met de werking van je keuze. Afhankelijk van tijd en relevantie zullen onze medewerkers je graag te woord staan.
Hoe gaat CAW De Terp om met deontologische knopen en morele dilemma's?
CAW De Terp vindt het belangrijk dat haar medewerkers steeds deontologisch handelen, omdat juist daar de kracht van het autonoom, algemeen welzijnswerk ligt en de meerwaarde die we onze cliënten kunnen bieden. Omdat het voor onze beroepsgroep en voor onze cliënten zo belangrijk is en voor onze medewerkers vaak zo moeilijk, wil CAW De Terp haar medewerkers maximaal stimuleren en ondersteunen in het deontologisch handelen. We bieden hen daarbij een aantal instrumenten:
We hebben een deontologische code die de regelgeving, sectorafspraken en werkwijzen duidelijk omschrijft. De code biedt heel wat duidelijkheid, maar kan onmogelijk een antwoord bieden op de vele deontologische knopen die onze medewerkers tegenkomen. De complexiteit van de werkvloer is daarvoor veel te groot. Elke situatie is uniek en vraagt telkens opnieuw afwegingen van de hulpverlener. Dialoog en ondersteuning zijn daarom essentieel. Elke hulpverlener kan terecht bij zijn team voor overleg. Er is ook steeds de mogelijkheid tot overleg met de kwaliteitscoördinator. Wanneer de hulpverlener en het team er niet uitkomen, kan er steeds een ad-hoc commissie deontologie samengeroepen worden. De samenstelling van die commissie varieert, maar wordt altijd voorgezeten door de directeur. De commissie formuleert een advies vanuit de organisatie aan de hulpverlener.
Naast het (zeer belangrijke) collegiaal beraad en de deontologische code bieden we onze medewerkers nog een aantal andere instrumenten. Zo is er het zesstappenplan voor morele dilemma's en ontwikkelen we moresprudentie (een afgestemd toetsingskader dat helpt om de juiste overweging te maken in bepaalde situaties) voor regelmatig terugkerende deontologische vraagstukken.
